Robuuste knolplant met grote bloemen in alle kleuren, doorbloeiend tot de eerste nachtvorst.
De dahlia (Dahlia × hortensis) is een van de meest veelzijdige sierbloemen ter wereld, oorspronkelijk afkomstig uit het bergland van Mexico en Midden-Amerika. Door eeuwen van veredeling bestaan er duizenden cultivars, ingedeeld in groepen als enkelbloemige, cactus-, decoratieve, pompon- en bal-dahlia's. De planten worden vijftig centimeter tot ruim twee meter hoog, met holle stengels en geveerde donkergroene bladeren. De bloemkleuren omvatten vrijwel het hele spectrum behalve zuiver blauw — wit, geel, oranje, roze, rood, paars, bordeaux en gevlamde combinaties. In Nederland worden dahlia's veel gebruikt in plukborders, stadsparken en bij de Bloemencorso van Zundert, waar honderdduizenden bloemen jaarlijks corso-wagens versieren.
Dahlia's beginnen in Nederland te bloeien rond half juli (DOY 195-200) en gaan onafgebroken door tot de eerste echte nachtvorst, meestal eind oktober tot begin november (DOY 295-310). De piek valt in de bredabloeit-context op augustus en september (DOY 220-275), maar omdat de plant doorbloeit zolang de oude bloemen worden uitgeknipt, kan de bloei tot diep in oktober even uitbundig zijn. Eén nacht onder nul beëindigt het seizoen abrupt: de bovengrondse delen worden zwart en de knollen moeten in november gerooid en vorstvrij overwinterd worden, behalve in mildere stadstuinen waar ze met dikke afdekking soms in de grond blijven.
De plant is herkenbaar aan de combinatie van geveerde, donkergroene bladeren en grote, sterk gestructureerde bloemen op holle stengels. De bloemvorm varieert sterk per cultivar: enkele bloemen lijken op grote madeliefjes, decoratieve dahlia's hebben dichte rozetten van platte lintbloemen, cactus-dahlia's hebben gerolde puntige bloembladen, pompon-dahlia's zijn perfect bolvormig. Bloemdiameters lopen van vijf tot dertig centimeter. De bladeren staan tegenover elkaar aan de stengel en zijn meestal samengesteld uit meerdere getande deelblaadjes. De wortelstok bestaat uit dikke vingervormige knollen waaruit elk voorjaar nieuwe scheuten ontstaan.
Dahlia's vragen een zonnige standplaats, voedselrijke en goed gedraineerde grond, en regelmatig water in droge periodes. Ze worden in mei na de IJsheiligen geplant als knol of voorgekweekte plant. Hoge cultivars hebben steun nodig; ondersteuning vooraf inplanten voorkomt schade later. Het uitknippen van uitgebloeide bloemen (deadheading) verlengt de bloei aanzienlijk. Slakken zijn de grootste vijand in het voorjaar. In parken bieden borders met dahlia's tot in oktober kleur. Voor wie de bloei wil zien: bezoek plukborders en stadsparken in september-oktober.
Dahlia's werden in 1789 vanuit Mexico naar de botanische tuin van Madrid gebracht en vandaar verspreid over Europa. De plant is genoemd naar de Zweedse botanicus Anders Dahl. In Mexico hebben de planten een veel langere cultuurgeschiedenis: de Azteken kweekten dahlia's voor de eetbare knollen en gebruikten holle stengels als waterleidingen. De moderne tuincultivars zijn complexe hybriden, waarvan de exacte oorsprong vaak onbekend is.
Nog maar 0 waarnemingen van Dahlia dit jaar. Deel er één en de pagina komt tot leven.
Voeg je waarneming toe →