Late bloeier met gerimpelde, papierachtige bloemtrossen in fel roze of paars.
Lagerstroemia indica, in Nederland bekend als Indische sering of crêpe-myrte, is een kleine boom of grote heester die oorspronkelijk uit Zuidoost-Azië komt — China, Korea en Japan, ondanks de misleidende soortnaam indica. In Nederland was de plant lange tijd marginaal vanwege koudegevoeligheid: in koude winters vroor hij regelmatig terug. Door klimaatopwarming en de ontwikkeling van winterharde Amerikaanse cultivars is de plant sinds 2010 sterk in opmars in Nederlandse tuinen, parken en stedelijke aanplant. Je ziet hem inmiddels in voortuinen, op verkeersrotondes en in moderne plantsoenontwerpen, vooral op zonnige, beschutte plekken. De plant houdt van warmte en volle zon, en gedijt op goed doorlatende grond. Hij wordt drie tot zes meter hoog en heeft naast zijn bloei ook een opvallend gladde, gevlekte bast die in de winter decoratief blijft. In zachtere delen van Nederland, zoals Zuid-Limburg en steden met een eigen klimaateiland-effect, is hij inmiddels betrouwbaar bloeiend.
Indische sering bloeit in Nederland van eind juli tot eind september, met de piek meestal in de tweede helft van augustus. Het is een uitgesproken late bloeier en vaak de laatste boomvormige verschijning van het zomerseizoen. De bloei duurt acht tot tien weken, omdat de plant continu nieuwe trospluimen vormt aan de uiteinden van de takken. Warmte is de cruciale factor: in koele zomers begint de bloei pas in augustus en blijft beperkt tot de uiteinden van enkele takken. Hete, zonnige perioden — zoals Nederland steeds vaker kent — leveren een spectaculaire, soms tot in oktober doorlopende show. De plant bloeit op nieuw hout van het lopende jaar, dus terugsnoei in maart bevordert grotere bloei. Op een goed beschutte stadsplek bloeit een Lagerstroemia in Nederland gemiddeld twee weken later dan in Zuid-Frankrijk, waar deze plant de bekende laanbomen van de Provence vormt.
De Indische sering is herkenbaar aan zijn grote, kegelvormige bloempluimen van vijftien tot dertig centimeter aan de uiteinden van de takken. Elke pluim bestaat uit tientallen kleine bloempjes met opvallend gerimpelde, papierachtige kroonbladen — vandaar de Engelse naam 'crepe myrtle' naar de stof crêpe. De kleuren variëren van wit via zachtroze, fuchsia en koraal tot diep paars en magenta. De bladeren zijn klein, ovaal, glanzend donkergroen, en kleuren in de herfst spectaculair oranje tot rood. Een tweede herkenningspunt is de bast: glad, schilferend, met onregelmatige vlekken in beige, zalm en grijs — het oogt bijna als marmer en blijft in de winter sierwaarde geven. De groeivorm is meerstammig en vaaswormig, met een open, luchtige kroon. Geur is afwezig of zeer subtiel.
Bezoek Indische sering eind augustus voor de volle bloei. De beste tijd is laat in de ochtend tot vroeg in de middag, wanneer het volle licht de gerimpelde textuur van de kroonbladen accentueert. Voor close-ups van de bloempluimen werkt een macro-objectief of telelens uitstekend; de papierachtige structuur van elk bloempje is fotogenieker dan die er met het blote oog uitziet. Een lichte tegenlichtopname laat de kroonbladen oplichten als gekleurd vloeipapier. Voor een wijdere compositie: de fonteinvormige groeivorm met overhangende bloempluimen is van enige afstand het meest indrukwekkend. Vergeet niet de bast in beeld te brengen — een aparte detailshot van de marmerachtige stam is in elk seizoen interessant. Na regen vallen de delicate kroonbladen massaal en bedekken het terras of de stoep onder de plant in een gekleurd tapijt.
Lagerstroemia indica werd in 1759 door Linnaeus beschreven en vernoemd naar zijn Zweedse vriend en koopman Magnus von Lagerström, die plantmateriaal vanuit Aziatische handelsposten naar Europa stuurde. De plant werd in de achttiende eeuw door Britse plantenjagers in cultuur gebracht en raakte vooral populair in het zuiden van de Verenigde Staten, waar hij de bijnaam 'lilac of the South' kreeg. Massale veredeling door het US National Arboretum in de twintigste eeuw leverde winterharde kruisingen op met Lagerstroemia fauriei, waardoor de plant nu ook in koudere regio's zoals Nederland betrouwbaar bloeit.
Nog maar 0 waarnemingen van Indische sering dit jaar. Deel er één en de pagina komt tot leven.
Voeg je waarneming toe →