watbloeitSoortencotinus-coggygria
+ Foto
bloem · onbekend · door bloomists vastgelegd

Pruikenboom

Cotinus coggygria
Piek · 93%24 apr24 mei1 waarnemingen · 2026

Over de pruikenboom

De pruikenboom (Cotinus coggygria) is een Euraziatische soort uit de pruikenboomfamilie (Anacardiaceae) — dezelfde familie als de mango en de sumak. Het verspreidingsgebied loopt van Zuid-Europa via de Balkan en de Kaukasus tot in centraal China. De geslachtsnaam Cotinus komt van het Griekse kotinos, een oude benaming voor een wilde olijf, vermoedelijk overgedragen op deze struik vanwege de vorm van de bladeren. De soortnaam coggygria gaat terug op het Griekse kokkugia, een naam die Theophrastus rond 300 v.Chr. al voor de plant gebruikte. In West-Europa kwam de pruikenboom binnen als sierheester, vooral vanaf de zeventiende eeuw — eerst in botanische tuinen, later als populaire parkstruik. In Breda zie je hem vooral in particuliere tuinen en in parkbeplanting, zelden verwilderd.

Bloei-timing

De pruikenboom bloeit in Nederland tussen eind mei en eind juni — grofweg DOY 145 tot 175. De eigenlijke bloemen zijn klein, geelgroen en onopvallend; ze staan in losse pluimen aan de uiteinden van de takken. Wat de plant beroemd maakt is niet de bloei zelf, maar het stadium daarna: de vruchtsteeltjes lopen uit tot lange, fijn behaarde pluimen die de hele struik in een rozige waas hullen. Deze pruiken zijn op hun mooist van half juni tot in augustus, en blijven vaak tot ver in september zichtbaar. De piekvorm — wanneer de hele struik er rokerig uitziet — valt meestal in de eerste helft van juli.

Hoe herken je het?

Herken de pruikenboom aan de pluimen: rozige tot paarsroze, donzig behaarde vruchtstelen die als rookwolken boven de struik zweven. Vandaar ook de Engelse naam smoke tree. De bladeren zijn rond tot ovaal, tot 8 cm lang, met duidelijk zichtbare nerven en een gladde, blauwgroene bovenzijde — onbehaard, in tegenstelling tot de pluimen. In de herfst kleuren ze opvallend roodoranje tot purper, een van de betrouwbaarste herfstkleuren in de Nederlandse tuin. De groeivorm is breed, struikachtig, meestal 3 tot 5 meter hoog, soms tot 7 meter. Cultivars met purperrood blad (zoals 'Royal Purple' en 'Grace') zijn in tuincentra gangbaarder dan de groene wildvorm. Bij kneuzen geven blad en twijgen een lichte, harsachtige geur af.

Praktisch

Voor foto's is de pruikenboom een dankbaar onderwerp: de pluimen vangen tegenlicht prachtig en lichten dan op alsof de struik in damp staat. Plan een bezoek in het laatste uur voor zonsondergang, met de zon achter de struik — dat is wanneer de pruiken écht gaan gloeien. Bij purperbladige cultivars werkt juist zijlicht beter, omdat dat de bladkleur dieper laat uitkomen. Een windstille ochtend helpt: de pluimen bewegen makkelijk en worden bij langere sluitertijden snel onscherp. Voor herfstkleur kom je terug eind oktober.

Achtergrond

De pruikenboom heeft een lange gebruiksgeschiedenis. Het hout, bekend als 'fustic' of geler — niet te verwarren met het tropische geelhout — leverde een gele kleurstof die in Zuid-Europa eeuwenlang werd gebruikt voor het verven van leer en wol. Vandaar de Engelse bijnamen Venetian sumach en dyer's sumach: Venetië was een belangrijk handelscentrum voor de gedroogde, geraspte takken. Linnaeus beschreef de soort in 1753 onder de naam Rhus cotinus; pas in 1788 plaatste de Schotse botanicus Philip Miller hem in het aparte geslacht Cotinus. Die naamswisseling werd lang betwist, en je komt de oude naam nog tegen in oudere flora's en tuinboeken.

Pruikenboom — gefotografeerd door bloomist
nieuw
Anonieme bloomist
in de buurt · 9 mei
Scrub door het seizoen1 · foto's
vandaag
JFMAMJJASOND
Nieuwe bijdragen1 · live van bloomists
Pruikenboom — gefotografeerd
Anonieme bloomist
in de buurt · 9 mei
over de top
Nog stil hier

Wees de eerste
die ’m vastlegt dit jaar.

Nog maar 1 waarneming van Pruikenboom dit jaar. Deel er één en de pagina komt tot leven.

Voeg je waarneming toe